(Column De Gelderlander)
Vlak voor ik woensdagmiddag de Albert Heijn op de Drieslag uitliep kwam ik een kennis tegen. Hij zei: ‘Dat is toevallig. Ik moest net nog aan je denken.’ Daarna wees hij naar de twee zakken andijvie. ‘Ik twijfelde even of ik de andijvie niet aan de overkant moest kopen, bij Frits. Over wie je zo vaak schrijft.’ Dat de kennis bij andijvie aan mij denkt, gaf me wel een goed gevoel. Ik schrijf die columns toch niet voor niets, dacht ik. Onderweg naar huis verdween het goede gevoel, toen ik me realiseerde, dat de kennis zijn andijvie toch gewoon bij de Albert Heijn had gekocht, ondanks dat ik hier de hele tijd over Frits de groenteboer schrijf.
Thuisgekomen besloot ik de nieuwjaarsreceptie van de gemeente aan me voorbij te laten gaan. Ik had er helemaal geen zin in. Vorig jaar was ik wel geweest. Ik was de hele avond in de weer om een gesprekspartner te vinden. Had ik er een gevonden dan was ik hem zo weer kwijt. Hij of zij moest die en die nog even spreken. Ik kan mij eigenlijk maar één ding bedenken dat nog saaier is dan de nieuwjaarsreceptie van de gemeente en dat is het debat in de raad over de kosten van de nieuwjaarsreceptie van de gemeente.
De dag erna las ik in de krant dat de mensen die er wel waren geweest, het erg naar hun zin hadden gehad. Iemand sprak van ‘warme communicatie’. Wil Plooster, organisator van het zomercarnaval, zei dat hij zich per se op de nieuwjaarsreceptie wilde laten zien, zodat iedereen weet dat het zomercarnaval dit jaar gewoon doorgaat. Mogelijk dat mensen uit mijn afwezigheid op de nieuwjaarsreceptie afleiden dat ik stop met het schrijven van columns. Dat is niet zo. Ik ga gewoon door. Totdat u allen uw andijvie bij Frits koopt.
8/1/2011
-
Andijvie